verslavingszorg


Daten en solliciteren
Een cliënt probeert serieus van de harddrugs af te komen. Hij heeft een crimineel verleden.
 
Hij blijkt analfabeet. Ik kwam hier achter na wat gesprekken. Eerst moest hij niets van me hebben, hij vond me maar vreemd en ook was hij achterdochtig. Ik 'bemoeide me' met zijn leven, hij vroeg zich af wat ik er beter van werd. Later werd het hem duidelijk dat ik persoonlijk geen enkel profijt er van zou hebben als het met hem beter zou gaan.  Al snel waren we de beste ‘maatjes’. Ik hielp hem met lezen en schrijven. Vervolgens kreeg hij interesse in de computer. Even later bleek dat hij had gehoord dat je afspraakjes kon maken via de computer. Ik heb hem (in overleg met leiding) een account aan laten maken op een dating-site. Er ging een heel nieuwe wereld voor hem open, hij merkte ook dat mensen zich in hem begonnen te interesseren. (Weliswaar via een site....maar tóch). Hij raakte super enthousiast en kwam bijvoorbeeld om de haverklap iets vragen of vertellen.
 
Een van de voorwaarden om het afkicken te kunnen volhouden was voor hem aan het werk te geraken. Na wat doorvragen stelde ik hem voor om te gaan zandstralen in de Flevopolder. Motivatie: andere omgeving, werk dat hij leuk vindt en goed kan. Ook had hij een hijs-bewijs voor kranen. Daar zou hij ook mee uit de voeten kunnen. Dat wil zeggen, als de methadon-verstrekking geregeld kon worden. De kunst was dus om hem in zichzelf te laten geloven en vervolgens passende werkomstandigheden te vinden. Papier-prikken of werken in een kringloopwinkel was te tam voor hem. Daardoor zou hij gedemotiveerd raken en zou zijn hulpverleningsproces stagneren. Toch?
 

Analfabeet, verslaafd en uit Curaçao - wat doe je dáár nou mee?

 
Een analfabetisch, verslaafde man van 54, afkomstig van Curaçao wil iets met zijn leven maar weet niet wat. Hij loopt nu al 8 jaar dezelfde routes papier te prikken. Buiten die tijd houdt hij zich bezig met zaken die te maken hebben met zijn manier van leven.

Af en toe kwam hij bij mij met verhalen over lagere schooljongens op een plein waarmee hij een goed (normaal) contact zou hebben.
Tijdens een wandeling (opschoonproject, papierprikken) hoor ik dat hij wil leren omgaan met de computer. Ik heb hem gevraagd naar zijn "hobbies", voor zover daar sprake van kan zijn natuurlijk. Dit heb ik uiteraard enigzins vertaald. Hij bleek veel van muziek te weten en te houden.
Uitgaande van zijn mogelijkheden heb ik hem aangeraden vrijwilliger te worden bij de lokale omroep. Daar kan hij vertellen over de muziek van Curaçao bijvoorbeeld. (Natuurlijk zitten hier praktische haken en ogen aan voor de lokale omroep, dat snap ik.)

 
Later die week kwam hij weer vertellen over die jongens. Hij wilde iets voor ze doen, zat er mee dat hij niks kon en niks kon doen.
Opnieuw, uitgaande van zijn mogelijkheden, heb ik hem zover gekregen dat hij een pleintjesvoetbal-tournooi organiseerde voor die jeugd.
Ik heb hem ondersteund met aandringen, herinneren, zelfvertrouwen geven en tenslotte is het enige dat ik verder gedaan heb hem een tournooi schema uit te printen.
 

Goeiemorgen omaatje!

Een andere deelnemer van het zelfde project, met naast verslavingsproblematiek een ernstig crimineel verleden. We lopen samen over straat. Hij ziet eigenlijk het nut van de dingen niet in. Het doel van het project is voor hem niet meer als een tijdverdrijf en als beloning krijg je een maaltijd.
Kortom, niet echt gemotiveerd.
Hij wil best iets doen, maar dan iets waar hij het nut van inziet.
Alsof het zo moest zijn, we komen een bejaard dametje tegen. Heel spontaan en ook fatsoenlijk en met eerbied gaat hij een gesprek aan met die mevrouw. Even later heb ik hem verteld dat ik dat hartstikkel leuk en goed van hem vond. Hij vond dat niks bijzonders.
Als deze deelnemer het gebruik van methadon zodanig kan organiseren (bijvoorbeeld 8.00 ‘s morgens) dan zou hij bijvoorbeeld vrijwilliger kunnen zijn in een verzorgingshuis. Bijvoorbeeld een eindje wandelen met iemand. Dit is geen werkelijkheid geworden, slechts een voorstel gebleven waarover hij enthousiast zou nadenken.
(nogmaals, ik snap de praktische haken en ogen. Wil dit dan zeggen dat er helemaal niets te organiseren valt?)



In mijn cv vindt u bepaalde werkervaring die niet relevant lijkt. Maar u ziet nu goede voorbeelden waarin mijn - op het eerste oog niet relevante - werkervaring tóch van pas komt.